BR08 Svolvaer - Svolvaer door Merijntje Betzema

Daar lag hij... in de haven van Svolvaer. Het kon niet missen of dat was de Bør! Ik moet zeggen dat ik er kippenvel van kreeg, zo’n mooie boot waarvan je weet dat je er 12 dagen te gast zult zijn. Rond 18.00 (ik denk nog wel wat eerder) besluiten Sjoerd en ik met tas en al aan boord te komen. Diana laat ons de hutten zien en schenkt ons een borrel in. Vanaf dat moment zijn we geen gasten meer maar bemanning! Steeds meer mensen komen aan boord tot we uiteindelijk nog drie mensen missen. Zij komen wat later dan de rest. Geen probleem, Diana heeft het vrijdagavond maal al klaar. Het eerste maal, zei ze, is eenvoudig: soep en brood met verse Noorse garnalen! Simpel? In ieder geval verrukkelijk. Tijdens het eten komen de andere drie aan boord. Onze groep bestaat  nu uit Marjan, José, Anke, Marjolein, Sjoerd, René, Thea, Alison en Chris. Omdat Chris en Alison Schots zijn, spreken we veelal Engels. Aan het begin van deze eerste avond verteld Hans ons dan ook alle regels in het Engels. De toon wordt gezet: er wordt veel gegrapt en gelachen. Na de do’s en dont’s op de Bør gaat een deel van de groep naar de leukste kroeg van Svolvaer, Bacelau. De rest blijft aan dek, kennis maken en genieten van het lange licht.

 

De volgende dag vertrekken we na het uitgebreide ontbijt (elke dag een eitje!) van 9.00 op de motor via het Raftsundet richting de Trollfjord. Onderweg genieten we van prachtige bergen met enkele huisjes in rood geverfd. Vrijwel meteen komen er filosofische gesprekken op gang. Hoe zou dat toch komen, zeiden we tegen elkaar? De schoonheid van de natuur doet je met veel bewondering naar het leven kijken. Ik denk dat we allemaal iets van dat gevoel kregen. Helemaal toen we de Trollfjord in kwamen varen. Niemand zei meer iets, zo mooi! Aan het einde van het fjord genieten we, in de buurt van de waterval, van een heerlijke lunch. Sjoerd plukt mosselen van een paal (die we ’s avonds eten, verwerkt in een voorgerecht). Na de lunch varen we verder naar het Lonkanfjord. Na aan anker te zijn gegaan, genieten we van weer een heerlijk diner en later op het dek van de zon voordat deze achter de bergen verdween. Die nacht slapen we met de boot aan anker midden in het fjord, niet aan de kade.

 

De volgende ochtend bij het ontbijt nemen we de plannen van die dag door. We kunnen een kleine wandeling maken aan wal. De bijboot vaart een aantal keer naar de wal en Hans laat ons de weg laat zien naar een prachtige waterval. René blijft aan boord, samen met Diana. Chris komt ook mee naar de wal maar zal zijn eigen wandeling maken. De rest gaat mee met Hans. Tijdens de wandeling komen we bij een meertje waar we het water kunnen drinken. Heerlijk en mooi. Terug op de Bør blijkt dat Chris nog niet terug is. We vermaken ons door de lunch te nuttigen, te schrijven, te zonnen en Sjoerd vangt nog wat vis. Ook ikzelf vang mijn eerste vis en Hans leert me hoe de ingewanden moeten worden verwijderd. Sjoerd leert van Diana hoe je een vis moet fileren. Goeie messen en geduld, dat zijn de basisingrediënten. Echt veel later dan gepland komt Chris eindelijk aan... zijn shirt is vies en hij zit onder de schrammen. ‘I respect these mountains,’ is zijn enige uitspraak daarna. We maken ons gereed om weer verder te varen. We gaan, als we wat meer wind vangen, voor de eerste keer de zeilen hijsen. Hans legt de basisprincipes uit en we vormen groepen. Het is even hard werken maar als de boot dan wordt gevangen door de wind, komt het vooral aan op het juiste stuurwerk. Dit is mijn eerste keer zeilen en ik vind het machtig mooi. De wind, de boot, de natuur en goed gezelschap. En verder niks! We varen deels zeilend, deels op de motor door naar Stokmarkenes. Het diner is verrukkelijk: verse garnalensalade, zalm met bloemkool en aardappelen en ijs toe. Na de afwas wandelen we over een lange, smalle brug waar we een kunstwerk bekijken. De zon staat weer zo mooi laag en schijnt door de nevelige wolken, richting de bergen. Wederom een mooie avond. Deze nacht slaap ik ook als een roos, waarschijnlijk van de wind en het zeilen.

 

De volgende ochtend nadat ik wakker werd, keek ik naar het dakraam. Dit is de eerste dag dat er druppels op liggen. Ik vermoed dat het regendruppels zijn... Tijdens het ontbijt blijkt dat het een dag wordt met matige wind en regen. We trekken onze regenpakken aan en zijn klaar voor een wat nattere reis. Aangekomen op zee hijsen we de zeilen! Dat is ander werk wanneer het dek nat is en de wind waait. En dan valt dit nog wel mee! Maar ondanks mijn verwachtingen bij slecht weer vind ik het heerlijk zo. Het landschap is nog mooier dan anders. Mystiek door de nevelige en donkere wolken, de bergen nat van de regen, steken donker af tegen het felle groen van bomen en gras. Een poosje mag ik sturen en dan pas merk ik echt dat het op zee toch kouder is dan aan land en dat we toch écht in Noorwegen zijn. Met al die zon van de afgelopen dagen zou je dat bijna vergeten. Diana weet ons op precies het juiste moment te verwennen met een broodje hotdog! Helaas is er niet genoeg wind om verder te zeilen, we gaan weer over op de motor in de richting van Skipnes. We komen langs een moeilijk stuk vol puntige rotsen die uit de zee steken. We zijn nu in een gebied waarvan ik het idee heb dat hier nog minder mensen wonen dan in de andere gebieden, zo leeg en verlaten ziet het eruit. Al een hele poos vliegen er veel papagaaienduikers langs. Aangekomen bij een flinke rots die uit zee steekt, begrijpen we waar ze allemaal vandaan komen. De hele berg zit vol met duizenden papagaaienduikers! Echt een genot om ze te zien vliegen. We dobberen hier een poosje om ze te bewonderen. Dit is het cadeautje van de dag! We zien hier ook heel duidelijk de zeearenden vliegen, op zoek naar een lekker hapje! Als we verder varen komen we langs een spannend stuk waar de zee zeer ondiep is. Samen navigeren Hans en Diana de boot er doorheen. Al met al komen we pas om 18.30 aan in Skipnes. Eindelijk kunnen we onze natte regenkleding uittrekken en kruipen we gezellig rond de tafel beneden waar de verwarming al aan staat. Daar maakt Diana appelflappen voor na het eten voor bij de koffie en eten we weer een heerlijk Noors maal. Na het eten gaan we met Marjolein, José, Anke en ikzelf kolonisten spelen. Allison is de bank, zo leert ze ook hoe je dit spel moet spelen. We hebben zelf namen bedacht voor de ‘grondstoffen’ die makkelijker zouden zijn voor Alison om te kunnen herkennen, het wordt er alleen maar moeilijker op maar we hebben ontzettend veel lol en natuurlijk wint Anke. Helemaal munt kruip ik na afloop mijn bedje in.

 

Bij het ontbijt besluiten we een leuke wandeling te gaan maken en daarna door te zeilen Tunsted. We wandelen naar Tinden (Tindsøya) alwaar we een oude handelsmarkt bezoeken van een bijzondere man, Skjalg Halmøy, die inmiddels is overleden. Zijn winkeltje is zo gebleven als dat hij het heeft achtergelaten, een soort openluchtmuseum. Bij dit huis is een wit strandje met prachtig blauw water. Marjolein, Marian en Anke nemen een dappere duik in het zeer koude water. Het ziet er heerlijk uit, ik besluit ook een duik te nemen. Maar langer dan een paar minuutjes (of minder?) hou ik het niet uit. Sjoerd houdt het alleen vol met zijn onderbenen in het water. We gaan weer verder varen en hijsen de zeilen zodra we de wind kunnen vangen. We hebben super weer: in de zon zeilen met tegenwind, windkracht 4 à 5. We halen de 5 knopen en gaan een aantal keren over stag. Lekker doorwerken en daarna weer genieten van de golven. Niemand wordt zeeziek! We zeilen door tot Tunsted, daar leggen we aan rond 17.30. De kade is in zeer slechte staat. Thea is de held en legt de touwen van de boot vast. Met Marjolein, Sjoerd en Anke nemen we een kijkje op de kade. Hier zien we dat ook de overgebleven vissenkoppen van de stokvis worden gedroogd. Het schijnt dat men er in andere landen soep van maakt. Al met al geven we deze plek de bijnaam ‘Stinkness’ We eten die avond trouwens voor het eerst gedroogde vis, maar dan de zoute variant. Diana heeft er een heerlijk maal mee gemaakt: Bacelau! Na het eten en de afwas spelen we een spelletje Kolonisten tot laat in de nacht. Weer erg veel lachen en Marjolein wint t deze keer. Rozig van het zeilen, de wind en de wijn lijkt het of de boot nog steeds heen en weer gaat. Dat is nou wat ze ‘zeebenen’ noemen. Heel maf. Toch slaap ik weer als de beste. Iedereen is wat later die morgen na de diepe slaap.

 

Die ochtend zullen we terugvaren van Vesterålen naar de Lofoten. De wind staat gunstig maar we worden wel gewaarschuwd voor de golven. Pilletjes innemen en varen maar! Van Diana krijg ik een dikke zeiljas te leen, geen overbodige luxe met die fikse wind. We zeilen voor de wind, windkracht 5 à 6, golven van bijna twee meter en met een snelheid van 7 knopen. Zo hard zijn we nog niet gegaan. Het is echt heel erg mooi onderweg en het rollen over de golfen is super. We varen naar Laukvik. Daar leggen we aan omdat je vanaf daar de middernachtzon het beste kunt zien. Ondanks de heldere dag is het de hele avond juist bewolkt maar we besluiten toch om te wachten totdat ‘t tijd is om te kijken naar de laagste stand van de middernachtzon. Laukvik zelf is niet erg mooi. Wel lachen we om de mensen die er feest vieren. Voor hun is het natuurlijk ook zomer en ze lopen er dan ook vrij bloot bij. We steken een beetje af bij hen, met onze dikke jassen en bergschoenen. Tegen de tijd dat de zon z’n laagste stand bereikt, is er een wolkenband langs de horizon gekomen. We zien niet veel van het zakken en weer omhoog komen van de zon en besluiten terug te gaan naar de boot. José en Chris blijven tot zeer laat om toch te zien of de zon nog onder de wolken zal komen! Ik ga slapen want de volgende ochtend vertrekken we vroeg om door een fjord te varen waar het verschil tussen eb en vloed erg groot is en zicht erg vlot voltrekt.

 

Ik wordt die volgende ochtend dan ook wakker van het aanslaan van de motor. We hebben afgesproken dat iedereen op zal staan op z’n eigen tijd. Dat doen we dan ook. Ik ga weer slapen en ontdek dat slapen terwijl je over golven rolt heerlijk is! We ontbijten een beetje los van elkaar en komen erna op dek. Daar zien we dat we bijna zijn aangekomen in Hemmingsvår. Dit dorpje is het meest toeristische tot nu toe. Bussen vol bezoekers komen er aan en bezoeken de galerietjes en winkeltjes. Gezellig is het er zeker en we vermaken ons prima. Tegen een uur of 13.00 zijn we weer terug op de boot voor de lunch. Hierna varen we verder naar Kabelvåg. We zeilen een klein stuk, Marian en ik hijsen zelfs het topzeil samen met Hans maar er is toch te weinig wind dus gaan we uiteindelijk verder op de motor. We genieten enorm, want het weer is heerlijk: een en al zon. In Kabelvåg aangekomen zien we het meteen: dit is een mooi dorp. En er is een leuke kroeg! Diana heeft voor deze avond heel speciaal gekookt: een heuse rijsttafel met noodles, saté en nog meer lekkernijen wordt aan ons geserveerd. Genieten dus. Na het eten en de afwas gaan een aantal mensen naar de leuke kroeg. Ik ga er zelf ook heen, nadat ik nog een avondwandeling heb gemaakt met Sjoerd om te zien hoe mooi het hier is. De volgende dag zullen we hier nog een dag liggen, het is dan alweer zondag!

 

Zondag zullen we op verschillende wijzes invullen. Chris en Hans bewandelen een ‘hoge’ berg, het zal een pittige wandeling worden met erg mooi uitzicht. Thea, Marjolein en Alison kiezen voor een lichtere wandeling om een meer. René gaat tekenen ergens in de buurt van de boot. José, Anke en Marian gaan naar het Vikingmuseum in borg (waar het erg koud was). Sjoerd en ik gaan na een wandeling naar de houten kathedraal met de bijboot op zee proberen vissen te vangen. Dat is geen makkie. De boot drijft telkens af waardoor we weer op een andere plek komen en waardoor de hengel ook niet echt blijft hangen op een goeie plek. De vangst is erg klein: twee kleine kabeljauwtjes. Goed voor een mooie tekening van Sjoerd, dat wel. Ik ga halverwege de middag terug naar de boot en zon de rest van de middag op het dek tot iedereen weer terug is van zijn/haar avonturen. Sjoerd blijft nog even op zee, maar vissen vangt hij niet meer. Die avond eten we heerlijke soep en biefstuk met bietjes.

 

De volgende dag gaan we weer verder zeilen naar het Nusfjord. Helaas kunnen we niet het hele stuk zeilen, maar we komen een heel eind. Het Nusfjord is erg toeristisch maar leuk om te zien. We leggen aan tegenover een rots met heel veel broedende drieteensmeeuwen. Een bijzonder soort. Ze maken de geluiden van speelgoed knijp-piepbeestjes en het is erg vermakelijk om naar ze te kijken. Diana heeft Italiaanse lekkernijen voor ons gekookt met de nadruk op het voor- en nagerecht, het hoofdgerecht vind ze simpel (maar wij zijn wederom onder de indruk). Na de maaltijd en de afwas gaan we weer Kolonisten spelen. Het wordt deze keer niet zo heel laat en Hans komt nog even bij ons aan tafel zitten. Dan blijkt dat niet iedereen de zeilkunst begrijpt (met name ondergetekende begrijpt het niet helemaal). Diana vraagt Hans uit te leggen hoe het zit. Zo krijgen we ’s avonds laat nog een les in zeilen. Erg leuk en gezellig. Op naar de volgende dag om het geleerde in praktijk te brengen.

 

Bij het ontbijt heeft Diana speciaal voor de liefhebbers rijstenpap naar Noors recept gemaakt. Dat valt in goede aarde, zelfs ik vind het lekker. Een goede bodem voor de rest van de dag! Want er staat weer een leuke wandeling op het programma. Een lichte deze keer. Tussen de bergen door naar zee. Sjoerd en Chris maken er op hun eigen wijze een iets zwaardere wandeling van. In het Nusfjord vind een klein internationaal muziekfestival plaats. We besluiten naar een middagconcert te gaan in het mooie restaurant. Het is een vermakelijk concert met drie verschillende muziekstukken door verschillende muziekanten(-groepjes) gespeeld. Hierna is het tijd om weer te gaan varen. Op zee gekomen hijsen we de zeilen en rond een uur of drie mag ik sturen. Van Hans moet ik ons naar Stamsund sturen. De wind trekt aan en we kunnen hoog aan de wind een heel eind komen. We varen op een gegeven moment c.a. 6 knopen. De wind heeft alleen een onvoorspelbaar karakter en wanneer we besluiten overstag te gaan, besluit de wind dat het uit is met de pret en neemt af aan kracht. Jammer genoeg gaan we over op de motor. Het is dan rond 18.15. Tijdens het sturen is de tijd compleet verdwenen en heb ik niet in de gaten hoe lang ik daar al sta. Zo mooi is het. We moeten dan nog twee uur varen voor we er zijn. Tegen het einde van de tocht helpt Hans me de bakens te zien en wijst de richting waar we heen moeten. Uiteindelijk blijft ik sturen tot we aangemeerd zijn. Uiteraard alle aanwijzigen volgend om er te komen. Dit is toch echt machtig mooi. Zo ongeveer voelt het dus om schipper te zijn. En dan elke dag! Elke dag een aantal uren staan en turen in de verten, ondertussen de juiste koers berekenend. De volgende dag heb ik spierpijn (in mijn nek van het naar boven kijken naar de zeilen en in mijn rug/benen vanwege het staan). We eten die avond walvis en fiskekåke. Veel lekkerder dan ik had verwacht. Die avond gaan we met een paar man nog even de kroeg in maar ik besluit al gauw de hut in te kruipen: slapen!

 

Na het ontbijt en de boodschappen varen we weg om 11.00 in de richting van Skrova. We zeilen een deel en Marjolein stuurt. Maar omdat we bijtijds in Skrova willen zijn, gaan we toch weer over op de motor. In de verte zien we onderweg een hele hoop vissers en de plannen worden gesmeed om daar de boot stil te leggen zodat we ook nog kunnen gaan vissen. De vissen die Sjoerd gevangen heeft aan het begin van de reis, zijn niet genoeg voor een avondmaal voor 12 man, vandaar! Met vier man gooien we de hengel uit en vangen de ene vis na de andere. Met name koolvis is goed vertegenwoordigd maar de kabeljauw komt ook aan bod. Op een gegeven moment heb ik het idee dat mijn hengel vast zit aan de bodem. Dat kan gebeuren als je de haken te diep hebt laten zakken... Diana komt kijken en zegt: ‘Nee, jij hebt een hele grote vis aan je haak zitten.’ We moeten de visdraad vastpakken om hem naar boven te kunnen krijgen. Dat is echter niet zo fijn als je geen handschoenen aan hebt. Hans komt helpen en ik draai de draad om de spoel. Uiteindelijk komt er een vis van 1.20 m boven water. Zo iets heb ik nog nooit meegemaakt. Maar ook Hans en Diana zijn best wel onder de indruk. Later lees ik op internet dat een koolvis c.a. 1.20 m tot 1.30 m groot kan worden en ze worden niet ouder dan 25 jaar. We denken dat deze vis 12 kilo woog, er bleef 6 à 7 kilo filet over. Genoeg vis om voor twee dagen voor 12 man van te eten en daarna was er nog over. En het smaakte super. Ook omdat Diana het zo lekker had klaargemaakt. Na deze vangst duurt het niet lang voor stopt iedereen met vissen. Het is ook wel weer tijd om verder te gaan. Tijdens het varen op de motor maakt Diana de vis schoon en fileert hem voor het avondeten. De kabeljauwtjes worden ook klaargemaakt. Deze zijn voor het voorgerecht (een tartaartje!). De overige koolvissen worden bewaard. Hiermee gaan we morgen proberen de zeearenden te lokken. De grote vis wordt Merijntje gedoopt. En dat terwijl ik hem in mijn eentje niet uit de zee had kunnen krijgen en dat ik bovendien toch wel zo onder de indruk was dat ik ‘m ook niet dood kon slaan. Het avondeten smaakt ons heerlijk en iedereen is door het dollen tijdens de afwas: er wordt gedanst op muziek van de i-Pod van Anke en Chris maakt de tafel schoon door er op te dansen. We lachen ons echt een rotje. Hierna gaat iedereen z’n eigen gang en we besluiten de volgende ochtend een duik te nemen in zee aan een van de wondermooie strandjes die Skrova rijk is. De wekker gaat dus vroeg!

 

Thea, Anke, Marian, Marjolein, José en ikzelf gaan voor het ontbijt een wandeling maken naar een mooi plekje. Chris gaat de berg op wandelen vanwaar je een erg mooi uitzicht hebt over een groot deel van de Lofoten. Sjoerd doet dezelfde wandeling maar dan een halfuur later. Alison en René blijven aan boord. Als we bij het strandje aankomen, kom ik niet verder dan een paar natte voeten. Marian gaat er tot haar onderbenen in en de anderen durven na een poosje toch helemaal in het water te gaan. Bikkels. Het is mij echt veel te koud. Het doet pijn aan mijn lijf. We wandelen terug en genieten van het ontbijt. Chris en Sjoerd komen ook terug van de wandeling en de foto’s vanaf de berg zijn zo mooi dat ik ook deze wandeling nog wel wil maken. Samen met Anke en Chris (die onze gids is) lopen we na het ontbijt naar boven. Thea en Alison maken de wandeling naar het mooie strandje waar José nog ligt te zonnen. Boven op de berg is echt super mooi. De blauwe zee en de witte strandjes en aan de overkant zien we Kabelvåg en Svolvaer liggen. Met pijn in mijn hart bedenk ik me dat dit de laatste dag is. Teruggekomen van de wandeling en na een lekkere lunch gaan we varen naar een punt waar we de zeearenden kunnen spotten. Helaas zijn er ook veel meeuwen. Onze lokvissen worden daarom al snel opgemerkt door de groep meeuwen die eerst nog ergens anders zat. De arend zit op een rots en maakt geen aanstalten richting de boot te komen. Uiteindelijk zijn onze vissen op en hebben we de zeearend toch wel een aantal keren van behoorlijk dichtbij gezien. Niet zo dichtbij als we misschien gehoopt hadden, maar met de verrekijkers erbij, beleef je de enorme spanwijdte van zo’n vogel toch wel behoorlijk goed. Het is nu dan toch echt tijd geworden om terug te varen naar Svolvaer... Heel stil en netjes alsof we schoolkinderen zijn, nemen we plaats op het dek. Misschien denken we allemaal hetzelfde: het afscheidt van de Bør komt dichterbij. Aan boord bespreken we onze plannen om nog iets leuks te doen voor Henk en Diana. We besluiten ‘flessenpost’ te maken voor hen, samen met een emmertje en schepje. Dit omdat we hebben gehoord dat ze dit jaar misschien wel met vakantie zullen gaan. René vragen we een speech voor te bereiden, dat is aan hem zeker toevertrouwd. Diana maakt die avond een uitgebreide Tapas maaltijd (inclusief de kibbeling, gemaakt van een deel van de koolvis). Echt heerlijk. Na het toetje (zelfgemaakte Noorse wafels met bosbessensaus of chocoladesaus!) begint René zijn bijzondere speech en hij eindigd met de verwoording van ons gevoel van dit moment met twee kernwoorden: weemoed en deemoed. Weemoedig om het afscheid van reis, land en mensen. Deemoedig ten opzichte van de grandioze schoonheid van de Lofoten. Treffend! De cadeautjes worden gegeven en Hans en Diana zijn zeer verrast. Na de afwas gaan we niet meer naar de kroeg maar brengen de laatste avond samen door met een lekkere borrel. Niet al te laat gaan we naar bed: morgen vroeg op! Marian en Anke pakken al vroeg het vliegtuig en we willen hen natuurlijk wel uitzwaaien.

 

Mijn wekker gaat vroeg en Marjolein, Thea, Anke en Marian zijn ook al wakker. Diana blijkt de wekker niet te hebben gehoord, iets wat nog nooit eerder gebeurd is, zij kan nog net op tijd een ontbijtje maken voor Anke en Marian, zelfs dan is er nog een eitje bij! We zwaaien Anke en Marian uit en ik blijft met Marjolein op het dek zitten in de zon tot het tijd is voor het grote ontbijt. We eten iets eerder zodat Alison en Chris hun bus ook nog kunnen halen. Ook hen zwaaien we uit. En dan wordt het ook voor Sjoerd en mij tijd om onze spullen in te pakken. Rond een uur of 10 willen we toch echt wel weg zijn. Want dan begint het grote schoonmaken voor Hans en Diana. Dat halen we. En zo zeggen we ook de laatste mensen gedag... De fantastische reis met de Bør is nu echt voorbij.

 

zoeken sitemap disclaimer Links contact